BibleMio

Filippenzen 4:13: context en uitleg

Redactionele notities van BibleMio, opgesteld met AI-ondersteuning. Ze maken geen deel uit van de Bijbeltekst.

Filippenzen 4:10–14

Nederlands — De Heilige Schrift 1917

10 En ik ben grotelijks verblijd geweest in den Heere, dat gij nu eenmaal wederom verwakkerd zijt om aan mij te gedenken; waaraan gij ook gedacht hebt, maar gij hebt de gelegenheid niet gehad.

11 Niet dat ik dit zeg vanwege gebrek; want ik heb geleerd vergenoegd te zijn in hetgeen ik ben.

12 En ik weet vernederd te worden, ik weet ook overvloed te hebben; alleszins en in alles ben ik onderwezen, beide verzadigd te zijn en honger te lijden, beide overvloed te hebben en gebrek te lijden.

13 Ik vermag alle dingen door Christus, Die mij kracht geeft.

14 Nochtans hebt gij wel gedaan, dat gij met mijn verdrukking gemeenschap gehad hebt.

Lees het hele hoofdstuk

De context

Filippenzen 4:13 staat in Paulus’ dank voor de steun van de Filippenzen. In verzen 11 en 12 zegt hij te hebben geleerd te leven met weinig en met overvloed, verzadigd en hongerig. Vers 14 erkent hun delen in zijn nood.

Aanwijzingen voor het lezen

De kracht in vers 13 wordt gelezen tegen de achtergrond van deze tegenstellingen. Ze vergezelt Paulus in gebrek en overvloed. Zo blijven zijn vertrouwen en de concrete hulp van de gemeenschap bij elkaar.

Wat de passage niet zegt

“Alles” belooft geen succes bij ieder project, overwinning in een wedstrijd of een bepaald inkomen. Zonder honger, gebrek en ontvangen hulp verandert de strekking van het vers. Vergelijk verzen 11–14.

Om over na te denken

Welke situaties noemt Paulus voordat hij over kracht spreekt?